Gisteren ben ik voor het aankomende grasseizoen weer begonnen met gras meten. Doormiddel van een grasmeetstok (zie de eerste foto) meet ik het gras. Op de grasmeetstok zit een vijfcijferig getal. Deze moet ik eerst noteren. Als ik de stok in het gras steek telt dit getal verder. Iedere keer als ik de stok in het gras steek, moet ik op een knopje, op de stok, drukken. Na ongeveer 40 keer steken, kan ik weer het vijfcijferig getal opschrijven die dan op het tellertje staat. Het verschil tussen deze getallen en het aantal keer steken vormt een rekensom, waarbij ik de lengte van een stuk gras (in centimeter) kan uitrekenen.
Voor het beweiden en het maaien, delen we het land op in verschillende stukken gras. De verschillende stukken gras noemen we ‘percelen’. Door het meten van de percelen kan ik meten of het gras al lang genoeg is om te laten beweiden door de koeien of te maaien.
Ook kan ik een beweidingsplanning maken als de koeien buiten lopen. De percelen nummeren we namelijk, waardoor ik kan plannen welk perceel op welke dag goed is om de koeien op te laten grazen en in welke volgorde het verstandig is. Zo voorkomen we dat de koeien op een perceel met te weinig gras lopen. De uitkomst van gisteren: het gras was nog iets te kort, maar we hopen dat binnenkort de koeien weer naar buiten kunnen!
Op de camperplaats verloopt alles goed. We hebben de laatste tijd, tijdens het mooie weer, wat gasten mogen ontvangen. Het erf maken we ook weer lekker ‘voorjaarsproof’. We hebben zin in het voorjaar!
U bent van harte welkom op onze camperplaats!
Liefs,
Francesca